Navigate / search

Interview auteurs Zwangerschapsmanagement: 'We hebben met de ogen van de aanstaande vader geschreven'

auteurs zwangerschapsmanagement

Zwangerschapsmanagement voor Mannen is geschreven door Henk Hanssen en Lonneke Kranendonk, twee ervaren journalisten die behalve over deskundigheid en een vlotte pen ook over de broodnodige ervaring met kinderen beschikken. Henk is vader van Rosa en IJsbrand, Lonneke moedert over Mila en Duco. Tot hun beider verbazing is Zwangerschapsmanagement een behoorlijk dikke pil geworden.

Henk: ‘Ik dacht: dit wordt een boek met honderden lege pagina’s. Háár buik wordt immers dikker, de jouwe niet. Je vrouw leest en zoekt uit, jij surft in haar voetspoor en pikt mee wat van je gading is.’

Lonneke: ‘Toch hebben we moeiteloos honderden pagina’s kunnen volschrijven. Over hoe je de beste naam kiest, over wat vaderschap vandaag de dag betekent, over de juridische positie van vaders. Maar ook over nesteldrang, prenataal onderzoek, de verloskundige, de pufles, de keizersnee. Bij elk onderwerp dat tijdens de zwangerschap aan bod komt, hebben we met de ogen een vader gekeken. Wat is voor hem, aanstaande vader, nuttig om te weten?’

Henk: ‘En dat bleek veel meer dan verwacht, moet ik bekennen. Laatst vroeg ik aan mijn vriendin Ingrid of ik volgens haar goed op de hoogte was van alle ontwikkelingen die zij tijdens de zwangerschap van onze kinderen doormaakte. ‘Mwa,’ zei ze tandenknarsend. ‘Je was vooral met jezelf bezig, met je verhuizing en met gepeins over het vrijgezellenleventje dat je achterliet.’ Gelukkig had ik een excuus: ik kon in de boekhandel niet één boek vinden dat mij als vader door die negen lange maanden heen zou loodsen. Dit excuus is vanaf vandaag niet meer geldig. Met dit boek sta je niet met je mond vol tanden als zij vertelt dat ze last krijgt van stuwing of wiebelbenen. Sterker nog: je begrijpt waar het door komt!’

Lonneke: ‘Ik ben drie keer zwanger geweest, ik vond het geweldig. En telkens weer bezweek mijn nachtkastje zowat onder de indrukwekkende stapel lectuur die ik in huis haalde. Mijn man bleef stug in de Donald Duck lezen. Hij bezwoer me dat hij ‘echt schat, álles’ wilde weten over mijn zwangerschap, maar er was gewoon nauwelijks wat te vinden. ‘In ieder geval geen boek dat mij aanspreekt.’ En dus bleef zijn kennis beperkt tot de citaten die ik hem af en toe uit mijn stapeltje voordroeg en de informatie die hij opdeed bij de partnerlessen van de zwangerschapsgym. Nu kan ik Michiel en al die andere meezwangerende kerels voor eens en altijd hun alibi af te nemen. Nooit meer kunnen ze ons wijsmaken dat er geen boek voor hen te vinden is! Een zwangerschapsgids voor mannen dus. En ook een klein beetje voor mijn stoere zwangere vriendinnen die een hekel hebben aan het zoete toontje uit veel ‘roze wolk-boeken.’