Navigate / search

De bikkelmedaille

bikkelmedaille

Een vracht aan wetenschappelijke studies maakt duidelijk dat kinderen met betrokken vaders van jongsaf aan beter af zijn. Leuk om te weten maar hoe ontdek je in de alledaagse vaderpraktijk de invloed die jij op de ontwikkeling van je kind uitoefent? Afgelopen zomervakantie kreeg ik bij toeval een inzicht in de betekenis van mijn rol. Voor mijn 7-jarige dochter Rosa en haar vriendin Bodil organiseerde ik een sportieve competitie waarmee de meiden een ‘bikkelmedaille’ konden winnen. De Barbie-poppen werden verruild voor fiets, vishengel en wandelschoenen. En met resultaat.

Erkenning
Al geruime tijd predik ik dat vaders meer erkenning verdienen. Immers, in ons van moederschapsideologie doortrokken landje lijkt de vader soms een tweederangsouder. Als het bijvoorbeeld op de duur van het kraamverlof aankomt, is de Nederlandse vader Europees recordhouder – in negatieve zin. Zelfs Sloveense vader krijgen tegenwoordig vijftien dagen betaald vaderverlof. Wij moeten ons, ook na heftige Kamerdebatten, behelpen met die miezerige twee dagen. Met andere woorden: we mogen aangifte doen, beschuiten smeren en hup met de geit, weer aan het werk. Een paar verlofdagen extra was een mooi gebaar geweest om te onderstrepen dat we het ook van belang vinden dat vaders even kunnen snuffelen aan hun pasgeboren kind.

Betere motoriek
Want, een vracht aan studies maakt duidelijk dat kinderen met betrokken vaders van jongsaf aan beter af zijn. Zo beschikt een éénjarige baby met een vader die veertig procent van de zorg op zich neemt over een betere motoriek dan koters met minder actieve vaders. Waarom? Omdat vaders kinderen stimuleren hun fysieke grenzen te verkennen, redeneren de onderzoekers. Met die rammelaar wapperen, stoeien en voetballen dus. Naarmate kinderen ouder worden, worden de voordelen van betrokken vaderschap beter meetbaar. Uit de studies blijkt bijvoorbeeld ook dat kinderen met betrokken vaders meer initiatief nemen en psychisch stabieler zijn. En dat meisjes met betrokken vaders hogere cijfers voor wiskunde scoren, dat jongens zijn beter zijn in het oplossen van problemen terwijl voor beiden geldt dat ze gemakkelijker omgaan met het andere geslacht en minder snel aan de drugs raken. Overtuigende cijfers die blijvende aandacht verdienen. Maar toch is het in de praktijk van het dagelijkse vaderleven lastig om deze cijfers om waarde te schatten, om te zien of jouw rol nou werkelijk het verschil maakt. Tenminste, wanneer je je kinderen samen met je vrouw opvoedt. Weinig vaders zullen er prat op gaan dat zij degene waren die hun kind leerde rekenen of waarschuwde voor dat vriendje en dat verleidelijke pilletje. In het jarenlange samenspel van opvoedkunst verdrinkt dit inzicht, voor zover je er al een glimp van kunt opvangen.

Competitie
Maar deze zomervakantie had ik geluk: ik kreeg het inzicht in de betekenis van de vaderrol op een presenteerblaadje aangereikt. Op bescheiden schaal weliswaar, maar toch. Om te voorkomen dat de weken op de brave Zuidfranse camping waar wij vertoefden geheel besteed zouden worden aan touwtje springen, zwemmen en met poppen spelen, bedacht ik een competitie. De bikkelcompetitie. Mijn zevenjarige dochter Rosa en haar vriendinnetje Bodil waren de enige deelnemers. Elke dag kregen zij een nieuw onderdeel voorgeschoteld en wanneer ze het er goed vanaf brachten, werden ze beloond met een punt. Voor wie in totaal tien punten haalde, wachtte aan het eind van de vakantie een heuse bikkelmedaille, beloofde ik plechtig. Maar, eerst moesten ze hun kiezen op elkaar zetten en zonder zeuren vijf kilometer wandelen door geaccidenteerd terrein, iets eten wat ze nog nooit hadden geproefd, zo lang mogelijk hun hoofd onder water houden, in een kano peddelen over de Ardèche-rivier – inclusief stroomversnellingen.

Vis vangen
En daarmee waren ze er nog niet. De bikkelpunten moesten ook worden vergaard door een urenlange speurtocht te volbrengen, minstens één keer te winnen met kaarten, een onrustig stromende rivier over te zwemmen, een vis te vangen en van een rotspunt af te springen. Dit laatste onderdeel leidde tot enige consternatie toen de respectievelijke mama’s, opkijkend uit hun romans, tot hun schrik zagen dat hun dochters gereed stonden om van een anderhalve meter hoog klifje het water in te gaan. Na een lange voorbereiding (‘Je hoeft het niet maar je kunt het wel’) brachten de nog ongediplomeerde zwemsters het er, compleet met luchtbandjes, ook dit onderdeel tot een goed einde. “Nog een keer!” riepen ze nadat ze hun aarzelingen hadden overwonnen.

bikkelmedaille

Juweliersdoosjes
Op de laatste avond van de vakantie was het zover. Boven twee kindermenu’s hield ik een speech waarbij ik met het nodige pathos hun prestaties van de afgelopen weken in herinnering bracht. Vervolgens toverde ik twee juweliersdoosjes tevoorschijn waar na gretig peuteren twee replica’s van een Romeinse beloningsmedaille uit tevoorschijn kwamen, voorzien van een halskettinkje. Rosa vond de bikkelcompetitie het leukste van de hele vakantie. En Bodil verbaasde op terugreis haar moeder. Opeens durfde ze wél door de slurf te lopen die ene wagon van de Autoslaaptrein met de andere verbond. “Op de heenreis moest ik wachten tot we op een station konden uitstappen om over het perron naar de restauratiewagen te lopen,” vertelde haar moeder. “Bodil durfde de wagon domweg niet te verlaten. Nu zei ze toen we instapte: ‘Gaan we weer eten mam? Ik loop voorop!” Kortom, ik heb deze meiden onmiskenbaar iets bijgebracht deze vakantie. Nu nog leren rekenen en van de drugs afblijven.